Er valt een blaadje van de boom. Het danst op een windvlaagje, schiet even weer omhoog, maar weet ook goed dat er in de herfst maar één bestemming is voor een blaadje. Naar beneden. En wat er dan met blaadjes gebeurt, dat ligt er maar net aan waar je als blaadje valt. Je kunt terechtkomen bij een heleboel andere blaadjes in een groot bos en dan lekker de hele winter mooi blijven liggen. Maar je kunt ook van een boom vallen in de tuin van een man met een vrouw die liever geen blaadjes om het huis heeft. Die man pakt er een toestel bij waar veel wind uit komt en blaast je zo met al je vriendjes in een hoekje en dan ga je op een aanhangertje naar een plek heel ver weg waar men geen last meer van je heeft. Ach, en je kunt als boomblad ook terechtkomen in een sloot. Heb je mooi de hele zomer hoog en droog in de zon gehangen en kom je vervolgens in een sloot terecht. Eerst lijkt dat nog wel mooi. Je drijft een beetje rond. Maar dan zak je naar de bodem. Van kou en nattigheid val je half uit elkaar en het enige waar je nog een beetje geluk uit haalt is dat je als dekentje kunt dienen voor beestjes die zich in bodems van sloten verstoppen voor de gevaarlijke, ijskoude winter.
De winter komt. Dat weten we allemaal. De fazanten. De ganzen. De mensen in hun auto’s onderweg naar de winkel. De ganzen weten dat het goedkomt. Die kijken nergens meer van op. Als ze gewoon rond deze tijd een bepaalde kant opvliegen en dan over een paar maanden weer terug, dan zijn ze er. Bij fazanten ligt dat toch anders, denk ik. Als ik die zo zie lopen en af en toe paniekerig omhoog zie fladderen, denk ik weleens dat ze alles maar gewoon laten gebeuren. En dan is het soms even schrikken, maar daarna ook snel weer goed. Denk ik hoor! Misschien werkt dat wel heel anders in dat kleine fanzantenkoppie. De mensen in hun auto’s onderweg naar de winkel denken aan zuurkool. Bekers hete chocolademelk. Of ze vinden het daar nog nét te vroeg voor. Er is een tijd voor alles.
Weer volg ik een blaadje op zijn weg naar de grond. En dan moet het echte bladvalseizoen nog beginnen. Dat wordt nog wat, als ik die bomen zo bekijk.
Maar goed. Genoeg uit het raam gekeken. Ik zal eens wat gaan doen.
Dagblad van het Noorden, 17 oktober 2027