De eerste keer dat ik in Death Valley was, vergeet ik nooit meer. Het was in 1996 en ik keek mijn ogen uit. Zo groot. Zo kaal en leeg. Zo heet. Een gigantische, kurkdroge vallei in het zuidwesten van Amerika. Nog nooit had ik zulke natuur gezien. De eerste Europeanen die in 1849 vanuit het oosten onderweg waren naar Californië om goud te zoeken, kwamen bijna aan het eind van hun zware reis door dit gevaarlijke gebied. Mensen gingen dood van de dorst en de hitte. Toen de lui die het overleefden eindelijk een doorgang gevonden hadden om eruit te komen, zetten ze het gebied op de kaart als Death Valley.
Ook tegenwoordig is het er nog levensgevaarlijk. Als je autopech krijgt en er komt geen hulp, ben je de bok. Ook in de zomer even de auto langs de kant zetten om even een stukje te wandelen, kun je makkelijk met de dood bekopen. Ik sprak er bij een later bezoek eens met een park ranger. Die had een auto zien staan in het midden van de vallei. Er zat niemand in. Nog geen honderd meter van de verlaten auto zag hij iets liggen op de gebarsten grond. Het bleken de restanten van een overleden persoon te zijn. Totaal uitgedroogd. „A rattling bag of bones”, zei hij.
Als je door Death Valley rijdt, krijg je een onaangenaam gevoel. Tenminste, ik wel. Je wilt er echt weer weg. Als je eruit gereden bent en je stopt even boven op de berg om nog even om te kijken, voel je: ik heb deze keer geluk gehad. Hier moet ik nooit meer heen. Toch ben ik er sindsdien best vaak geweest. En elke keer brengt het lege landschap met zijn vreemde rotspartijen weer dat gevoel naar boven. Een oergevoel van gevaar. Zo moet het eruitzien op dode planeten, diep in het heelal. Het verlangen naar velden met bloeiende aardappelen en glimmende suikerbieten tot aan de horizon kan niet groter zijn.
Zojuist zag ik een paar recente beelden van Death Valley. Er was regen gevallen. Ook behoorlijk wat. Dat is bijzonder zeldzaam daar. En wat gebeurde er? Bloemetjes! De hele vallei vol lieve bloemetjes in allerlei bonte kleuren.
Die zaadjes liggen er dus altijd. Ze doorstaan jarenlang de helse hitte van de blakerende zon. Totdat er regen valt. Dan lopen ze snel uit en worden prachtige bloemen. Even is dan zelfs de droogste vallei des doods een liefelijk paradijs.
Dagblad van het Noorden, 21 februari 2026